29. sep, 2017

Een jaar en 123 dagen zonder Sunshine

Gisteren gaf Rainbow weer eens een kleine demonstratie waarin hij liet zien dat hij toch wel een heel klein beetje een vegetarische kat is, ondanks dat hij wel gek op zijn kip en vis is. Hij had nu eerst weer mijn zak met broodjes gepikt. Alleen nu hoorde ik al heel snel het geritsel van het zakje en heb mijn broodjes nog kunnen redden.

Hij was alleen nog niet klaar, hij pikte later, toen ik een zak gesneden uien had liggen, een paar keer heel snel een stuk rauwe ui. Ik dacht, dat lust hij toch niet dus laat hem daar maar achterkomen. Maar daar zat ik mooi naast want hij at het gewoon op. Wel vond hij ze later een stuk lekkerder toen ze gebakken waren. Nou ja zeg. Gekke kat.

Ik heb hem ondertussen al van alles zien eten, rauwe witlof, stukken komkommer, tomaat en dan nu weer uien. Gek beest is het toch maar wel heel grappig want geen van de andere katten doen dit of lusten dit. Dat heb ik wel uitgeprobeerd natuurlijk maar die kijken me dan aan of ik compleet van de pot ben gerukt. Ja, ik moest het toch proberen zeker? Het moet niet hoor, het was een test.

Gisteren heb ik dus niet zo veel gedaan, want ik wist dat ik vandaag toch weer een voor mij enerverende dag zou hebben. Die begon ook al niet al te best. Ik had al door de wekker heen geslapen maar ja, Miranda weet hoe het zit met me dus die zal daar niet van opkijken als zij toevallig heel vroeg is. Ik ging me aankleden in mijn walk in room, zoals ik hem noem, closet is te klein. Moonlight heeft daar een, tot voor kort geheim, plekje.

Boven mijn kasten heb ik allemaal dozen met kleding en daar weer boven een plank met van die opbergboxen. De kleintjes hebben dat plekje pas ontdekt dus die arme jongen heeft daar zijn kleine rijk niet meer alleen. Alleen hij springt er iets makkelijker naar toe dan zij. Vorige keer kwam ik een keer thuis en toen lagen er 2 van die boxen op de grond, daar zullen ze zelf wel van geschrokken zijn want ze bleven er een dag weg. Vandaag bukte ik me om mijn voet in mijn broek te krijgen en daar was ik even mee aan het wurmen.

Met een enorme knal valt er zo’n box, die net tegen het plafond staat zowat, zo boven op mijn hoofd met een punt. Ik gaf dus een behoorlijk gil want het deed ook behoorlijk zeer en dan ook nog eens de schrik erbij. Dat wil wel, zeg maar. Van schrik vlogen de kittens van de planken en kasten af en ook Moonlight schrok zo, dat hij met een enorme duik zo naar beneden sprong. Hierdoor viel alles wat er op het kastje ernaast stond op de grond. Ook met een behoorlijk gedonder en geklap.

Omdat ik nu het zenuwgestel van een watje heb, riep ik heel hard ‘verdomme’ en ik moest huilen. Dat zou ik normaal nooit gedaan hebben maar nu ging het vanzelf. Dit alles bij elkaar heeft nogal een indruk gemaakt op de katten die geen harde woorden gewend zijn en daar ook niet tegen kunnen. Mijn trio black & white was nergens meer te vinden. Aurora zit heel anders in elkaar. Die kwam juist op de herrie af om te zien wat er aan de hand was.

Ze keek eens rond, zag de rommel en keek naar mij die nog na stond te snuffen. Oké, zal ze gedacht hebben, er zijn geen doden gevallen, niets aan de hand en liep langzaam de huiskamer in. Volgens mij wilde ze haar broers ook even checken. Ik ruimde alles op en kleedde me aan, het was al weer een beetje over, al voelde ik de bult groeien. Omdat ik zo bezig was met van alles heb ik even niet op de katten gelet. Vlak daarna belde Miranda aan.

Pas toen ik koffie ging zetten, zag ik dat de 2 kleintjes, nog steeds behoorlijk onder de indruk, buiten lagen. Dan zijn ze altijd een beetje sipjes, dat is zo aandoenlijk. Ik ben dus eerst even naar buiten gegaan om ze te troosten, dat er niets aan de hand is verder. Zij hebben niets stouts gedaan en dat het mij speet dat ik ze nog harder had laten schrikken dan al het geval was. Maar ze bleven sipjes en aangedaan. Oh, dat vind ik dan toch zo erg. Dat was hun bedoeling niet en de mijne zeker niet. Ze wilden niet naar binnen komen in elk geval.

Maar ja, dan weet ik toch altijd wel het laatste lokmiddel te gebruiken. Ik geef ze natvoer. Een beetje rammelen met de bakjes is meestal goed voor 2 naar binnen vliegende kittens. Je moet dan  uitkijken dat je je nek niet breekt. Dit keer was het wel genoeg om ze binnen te krijgen maar hun normale laaiende enthousiasme hadden ze voor even verloren. Ze stonden kalmpjes en bedeesd te eten. Miranda had ondertussen ook het hele verhaal in geuren en kleuren gehoord natuurlijk. Ook zij had het buiten geprobeerd, zonder veel succes. De kittens waren een beetje down van de schrik.

Nadat ze gegeten hadden, gingen ze gewoon weer naar buiten. Terwijl Miranda en ik aan de koffie zaten, keken we af en toe naar ze om te kijken of het weer ging. Skylar lag in een mand en Rainbow zat op het huisje, met zijn zijkant tegen de muur te leunen en zijn pootjes over het hekje, een beetje voor zich uit te staren. Ontzettend koddig om te zien maar hij wekte ontzettend ons medelijden op. Wat later kwamen ze naar binnen omdat het ging regenen.

Ze keken vanuit de huiskamer héél voorzichtig naar het zijkamertje, waar de op mijn hoofd gevallen box nog op precies dezelfde plaats lag als waar hij was neergekomen. Nee, niet op mijn hoofd maar daarna, op de vloer. Ze slopen als schuldige ninja’s over de vloer. Moonlight lag onderop de krabpaal, lekker verstopt. Skylar was de grootste lefkikker en Rainbow stond veilig achter Miranda op het kussen met grote ogen te kijken wat er met Skylar zou gebeuren.

Er gebeurde natuurlijk niets maar ze bleven het kamertje wel een beetje eng vinden. Hoe langer er gewoon niets gebeurde, hoe meer hun angst afnam. Het is helemaal goed gekomen met de angsthaasjes. Ja, moet je maar geen zware boxen op je al gewonde moeder d’r hoofd gooien, dan word je onmiddellijk gestraft. Ah nee hoor, ik weet wat voor een tere zieltjes ik in huis heb. Ik vond het dan ook heel vervelend dat ik zo gereageerd had maar dat had ik ook niet onder controle. Zoiets zo me normaal gesproken ook nooit gebeurd zijn.

Miran en ik zaten lekker te kleppen en zo kwamen we erachter dat we eigenlijk al onderweg hadden moeten zijn. Want in plaats van een beetje mijn Neerlands hoop in bange dagen te zijn, is Miranda net zo’n warhoofd als ik op dit moment ben. Het scheelt niet veel in elk geval. Dat dit zorgt voor hilarische momenten is een ander verhaal maar ze helpt me er niet echt mee. Ik heb een bezoekersvergunning voor parkeren en die had ik voor haar aangezet. Toen we onderweg waren bedacht ik me opeens dat ik die niet had uitgezet.

Dat was best handig omdat we anders vast waren vergeten die weer aan te zetten als we weer terug kwamen, bedacht ik me ironisch. Wat er allemaal bij onze PeeT besproken werd vertel ik tussendoor wel steeds beetjes van. Het was in elk geval heel fijn om bij haar te zijn. Omdat wij allebei haar hulp wel kunnen gebruiken bij een heleboel, hebben we voor volgende maand weer vast afgesproken. Natuurlijk mail ik ook de psycholoog die de bedrijfsarts me heeft aangeraden, dat kan nooit kwaad. Toch heb ik hier meer aan, omdat zij ook met en door de kennis van onze zo geliefde boeken van Jozef Rulof werkt.

Wat wel heel gek opviel is dat wij allebei zo enorm veel hetzelfde hebben. Dat wisten we al maar sommige dingen hadden we niet eens bij stil gestaan. Dat kwam er nu weer uit en dat is toch wel apart. Volgende keer doet ze ons wel apart behandelen, ondanks dat we verder geen geheimen hebben. Dat is dan ook het punt niet. Maar met 3 van die babbelaars vliegt de tijd zo voorbij. En we hebben allemaal zulke bijzondere dingen te delen, dan moet je wel een klein beetje verdelen. Voor de katjes gaat PeeT nog aan de slag.

Sunshine is nog steeds gezond en heeft toch wel vrede gevonden in zijn huidige bestaan. Hij weet niet hoe hij thuis moet komen en ik weet niet hoe ik hem kan vinden. Het werkt helaas niet zo dat zij me kan zeggen ‘als je nou daar links en hier rechts gaat dan zit hij ongeveer daar’. Bovendien is dit ook een leerproces in mijn leven, ondanks dat je hier nu het nut niet van kan inzien. Was dat maar waar. Je krijgt ook nooit wat je wilt, je krijgt wat je nodig hebt. Hoe krom dat soms ook mag lijken.

Sunshine heeft ons een beetje op een laag pitje gezet, heeft vrede moeten vinden in hoe hij nu leeft. Ook niet onbelangrijk natuurlijk. En bij mij, en ik denk ook Moonlight, hebben we door alle omstandigheden ook Sunshine een beetje op een laag pitje gezet. We hebben elkaar dan ook een klein beetje losgelaten. Ook omdat het niet anders kon. Dat wil niet zeggen dat ik niet meer verwacht dat hij ooit thuis komt. Helemaal niet, dat zal ik nooit uit mijn hoofd krijgen. Maar wel dat het is zoals het nu is. En als hij thuis mag en hoort te komen, dan gebeurt dit toch wel. Daar hoeven we dan niet eens echt iets voor te doen. Dan gebeurt dat ook. Ook al voelde dat voor mij zelf ook al zo aan, toch is het dan fijn om bevestiging te krijgen daarin.

Toen we weer hier bij mij thuis waren, waren we allebei volledig naar de gallemiezen. Alleen moest Miranda nog een uurtje naar huis rijden. Een beetje uitrusten voor dit terugritje kon geen kwaad. Ze had berichtjes op haar gsm en pakte haar bril uit het kokertje. Ja, Miranda’s armen worden ook opeens te kort nu. Ze zit gewoon op haar telefoon te kijken en vanuit niets, breekt haar brilletje, dat zo prachtig kleurde bij haar haar.

We hebben wel een half uur in een deuk gelegen. Nog steeds hebben we geen idee hoe dat nou kon gebeuren maar ja, daar krijg je geen hele bril van terug. Uiteindelijk vertrok ze richting Brabant en zou me appen als ze er was. Dat was ze vergeten en ze stuurde een stuk later dat ze er al een tijdje was. Aangezien ik was vergeten te kijken, had dat ook niet uitgemaakt. Ik had dat diepvries bakje van Marianne, waar ik vorige keer zo lekker had gegeten, mee terug willen geven, met een leeg bakje van mezelf erbij als subtiele hint. Zo van; vullen met wat lekkers aub. Dat was ik dus ook vergeten. Daar ging mijn subtiele hint.

Dat appte ik Miranda nog even, om aan te geven wat ik nu weer vergeten was. Ik was net een bejaarde met zware Alzheimer vandaag namelijk. Appt ze terug; ja oh wat erg, maar dat doen we dan de volgende keer wel, dan kunnen we gelijk die tassen meenemen die we uit jouw auto mee naar boven zouden nemen. Oh ja! Verrek, dat was ik ook al weer vergeten. En zij blijkbaar ook. Ik zei dat we maar beter vast naar het bejaardenhuis konden gaan. Dan zouden we in elk geval gunstig afsteken tegen die vergeetachtige ouwetjes. Maar eigenlijk twijfel ik daar wel een beetje aan nu…