5. jan, 2019

Twee jaar en 221 dagen zonder Sunshine

Ik heb eergisteren het eerste hoofdstuk aan mijn zes meelezers gestuurd. Het is het begin van het tot stand komen van mijn boek. Tot mijn grote verbazing kreeg ik dezelfde dag al van twee van hen het hoofdstuk alweer terug. De ene was er gelijk door gepakt en had niet kunnen stoppen met lezen. De ander had een eerste bevinding gestuurd en zou er nog specifieker naar gaan kijken komende tijd. En zo te zien, precies wat ik nodig had. Ik moet alleen wel opletten, dat mijn Vlaamse criticus me niet op de verkeerde voet zet. Onze zinsbouw is behoorlijk verschillend, ook al is het allemaal Nederlands. Ondanks dat, zulke feedback is echt geweldig! Ik schrijf zo snel, niet alleen het aantal aanslagen per minuut.

Als het echt aanslagen zouden zijn dan zouden de terroristen op me azen als gekken om me voor ze te laten werken, zo snel ben ik. Ik typ wat ik zeg, of denk. In elk geval, ik vlieg over het toetsenbord. En ik kwam vanzelf ook ergens achter, ook al lees je het over, dan lees je over je zelf gemaakte foutjes heen. Ik ben behoorlijk goed in grammatica. Als kind kon je me niet blijer maken dan door me een zin totaal te laten ontleden. Ik vond dat echt geweldig. Taalgevoel is iets dat ik in overvloed bezit. Maar dat je snel fouten maakt en daar dan ook nog eens overheen leest, dat was iets nieuws voor me. Daarom was het misschien maar goed dat ik zo eerst een paar jaar aan de blogs ben gaan schrijven. Ik heb zo'n idee dat het anders nog veel erger was geweest.

Door nu al bijna drie jaar, straks in mei, elke dag een blog te schrijven heb ik ook wel veel geleerd. Vooral aan wat ik niet goed doe. Het weten scheelt al wel, het afleren is een ander verhaal. Ik doe mijn best, dat zeker. Ik merkte aan de feedback van deze twee, totaal van elkaar verschillende personen, dat ze beiden op een andere manier kijken maar dat dit elkaar wel goed aanvult. Soms worden ook dezelfde dingen genoemd, dat is bij echte fouten zoals een woord dubbel, dat is ook logisch. Wat me vooral opvalt is dat het echt fouten zijn, die ik normaal gesproken zou zien. Toch vult mijn hoofd blijkbaar automatisch alles aan, zoals ik ook vind en weet hoe het zou horen. Alleen dat schiet niet op want ik zie de fouten niet. Raar hoofd!

Als ik het van een ander onder ogen neem, dan zie ik het direct. Maar bij mijn eigen teksten, vult mijn hoofd bij het lezen iets op of haalt de foutjes er al automatisch uit. Rare gewaarwording hoor. Ze wezen me op dingen waarvan ik compleet omviel van verbazing dat ik dat niet zelf gezien had. Blijkbaar niet want anders zou het er zo echt niet meer gestaan hebben. Dat is toch echt gek! Maar goed ook, dat ik meelezers gevraagd heb! Ik had het van horen zeggen, dat je dat zelf niet zou zien maar ik dacht, nou dat lijkt me stug. Het is helemaal niet stug het is echt zo! Bijzonder zeg, zo had ik dat niet verwacht. Ik ga natuurlijk pas corrigeren als ik de andere vier ook binnen heb. In verwacht dat ieder voor zich, elk op hun eigen manier, waardevol voor mijn boek zal zijn.

Ondertussen ga ik straks elke dag een stukje in mijn boek schrijven. Ik moet naar hoofdstuk zeven en uiteindelijk zullen het er dertien worden. Tenminste, zo is het nu nog. Je weet nooit hoe dat kan veranderen. Ik kan maar opeens iets krijgen van, oh ja, maar dat moet er ook nog helemaal in. Ik denk dat 2020 het jaar zal worden dat het totaal af is. Dan moet je nog een uitgever gaan zoeken. Bovendien heb ik dan al lang weer een baan en zal het schrijven tussendoor moeten. Toch denk ik niet dat ik langer dan dat eraan zal moeten werken, dan is het gewoon klaar en komt het uit. Dat is wat ik van plan ben, dat is wat ik wil. Dat heb ik nu uitgezonden in het Universum en dan komt het zo ook voor elkaar. Over het hoe mag het Universum zich druk maken, dat is niet mijn probleem.

Gisteren ben ik erg hard bezig geweest met dingen voor de cits, zie foto's, maar ik moet voor mezelf toch ook een keer aan de slag. Ik heb ze er trouwens nog geen gebruik van zien maken, zouden ze het wel begrijpen of zal ik ze er op moeten gooien een keer? Ik weet het nog niet. Ik moet wel snel een standaard sollicitatiebrief gaan maken, en mijn CV. Kan ik erin zetten dat ik 37 word, met 20 jaar ervaring? Of kan ik gewoon beter gelijk 57 ervan maken. Geen idee hoor. Dat is een grapje natuurlijk. Toch, bij 57 denken veel mensen toch al gelijk aan een ouwetje en zo voel ik me helemaal niet. Ja oké, lichamelijk wel vorig jaar, maar ziek is ziek, dat is een ander verhaal. Dat wordt ondertussen toch echt steeds beter en ik voel me ook echt niet ouder dan toen. Oké, kippiger wel, minder kracht in de handjes maar ik wil dan ook de bouw niet in. Ik ram zowat de toetsen uit mijn bordje hoor, dat zit prima. Als iemand wat weet of hoort, ik hou me warm aanbevolen. Ik wil 32 uur, woensdags vrij en geen continue diensten. Iets leuks, administratief, secretarieel, iets met taal en uitwerken, iets creatiefs? Ik hoor het graag. Het grote zoeken gaat beginnen.

Ik vind het wel raar dat je je pas kan aanmelden bij het UWV een week voordat je ontslag ingaat. Vroeger moest je dat zo ruim mogelijk van te voren doen. Alles verandert ook steeds allemaal. Dat is zowat niet bij te houden. Als je denkt te weten hoe iets werkt en je maakt er geen gebruik van, dan is het tegen de tijd dat je het wel nodig hebt, totaal anders geworden. Lastig vind ik dat. In ziekenhuizen is dat ook altijd, hoef je er, Godzijdank, een tijd niet te zijn, zit alles totaal ergens anders en is er of een hele vleugel bij of een compleet ziekenhuis verdwenen. Raar is dat toch. Je leert het wel weer, tot je het weer niet meer nodig hebt en in die tijd wordt alles daar opeens toch ook weer anders. Hopelijk heb ik van het UWV alleen maar heel kort iets nodig en vind ik snel iets. En dan hoop ik het ook nooit meer nodig te hebben. Laat ik daar maar lekker vanuit gaan.

Ik zag van de week mijn eendje weer, die van die Disneyland reclame. Ik kan er nog steeds van smelten, wat een heerlijke reclame. Ik snapte ook opeens waarom het me zo raakte. Het is niet alleen dat harten smeltende, schattige eendje. Nee, het was een soort van herkenning. Zijn held bleek waarlijk te bestaan, wat hij had gevoeld, was echt waar. Zo voelde ik me zo'n beetje toen ik de boeken van Jozef Rulof vond! Ik zat ze ademloos te lezen en elke keer moest ik roepen 'zie je nou wel! Ik wist dat toch al zeker!' Alleen kon ik het nooit ergens op baseren, dan op mijn gevoel. En toen bleek dat over mijn gevoel gewoon zoveel boeken waren geschreven en daar werd alles ook nog eens uitgelegd en aangevuld! Wat ik gevoeld had, was echt waar! Ja, daarom begrijp ik dat eendje zo goed, ik had ook zo'n ervaring. Dat voelt zo geweldig! Dat gun je echt iedereen...