3. mei, 2019

Twee jaar en 339 dagen zonder Sunshine

Soms heb je dat wel eens, dat je gezellig een wandelingetje maakt door Memory Lane. Dat had ik gisteren ook een beetje. Dan denk ik wel eens aan toen ik nog klein was. Ik had een heerlijk groot plein voor de deur. Met allemaal klimrekken en paaltjes om bokkie te springen, heerlijk om te spelen. Helemaal omringd door van die enorm grote platanen. Naast me woonde een groot gezien, de familie de Faria, en daar woonden een heleboel kinderen. Voor mij, als enigst kind, altijd iets om aan de ene kant jaloers op te zijn en aan de andere kant leek met het ook wel lastig, met zoveel mensen alles delen. Ja, dat was ik niet gewend natuurlijk, bij mij thuis draaide alles om mij.

Vanaf ik geboren ben zowat, woonde het grote gezin naast me en speelde ik met de drie jongste zusjes. Ria, was net zo oud als ik en had ook nog eens dezelfde naam. Iets jonger was Ellen en de jongste was Gerry. Ik vond het altijd heel jammer dat ze niet op dezelfde school zaten als ik. Mama de Faria was zo’n lieve vrouw, die herinner ik me nog heel goed. Zij wilde me altijd laten proeven van wat ze daar aten. Ik ben nogal een zeikerd met eten, toen al, en dat durfde ik niet altijd. Maar toch kreeg ze me altijd zo ver, dat ik het probeerde. Door haar heb ik dingen als watermeloen en het wat meer gekruide eten leren eten. ‘Probeer het nou maar’, zei ze dan. En uiteindelijk gaf ik toe, ook omdat ik haar niet teleur wilde stellen. Soms vond ik het niet lekker maar meestal was het heerlijk, als ik had durven proeven. Ik was toen altijd zo van wat de boer niet kent dat eet hij niet. Nu niet meer hoor, ik probeer altijd alles maar ik vind lang niet alles lekker.

Verjaardagsfeestjes waren bij hun thuis altijd geweldig. De twee broers Dennis en Michael waren echte entertainers en die traden dan altijd op, tussen de schuifdeuren. Dansen en zingen en gekke sketches, het kon niet op. Dan was er nog een oudere broer, Glenn, die vond ik altijd heel knap. Hij was, in onze toen heel jonge ogen, al bijna volwassen natuurlijk. En de oudste zus was Yvonne, die vond ik altijd heel mooi. Zij besteedde altijd veel aandacht aan haar uiterlijk en ze was heel hip met haar kleding ook altijd. Ik keek altijd heel erg tegen haar op.

In de winter hadden zij nog steeds allemaal hun bruine kleurtje. Ik niet meer natuurlijk. Maar in de zomer werd ik altijd heel bruin en dat vond mijn moeder altijd zo grappig. Want dan zaten we met zijn viertjes op het stoepje, en dan kon mijn moeder alleen door mijn schoenen zien, als ze uit het raam keek, welke beentjes van mij waren. Dan hadden we alle vier even bruine beentjes. Dat vertelde ze altijd opnieuw, dat vond ze nog steeds leuk. We hebben wat afgespeeld met zijn allen daar. Heel veel kinderen in de buurt, een heel groot speelplein voor de deur. We speelden balspelletjes, elastieken, verstoppertje, wat heb je nog meer allemaal? Wij deden het. Hele dagen waren we buiten, zoals ieder kind in die tijd.

Wij hadden geen computerspelletjes of telefoons op zak. Wij hadden elkaar en de straat en meer hadden we ook niet echt nodig. Natuurlijk had je wel eens ruzie onder elkaar maar ik heb, voor zover ik me kan herinneren, nooit met de zusjes ruzie gehad. Ik heb er alleen maar leuke herinneringen aan verder, aan het hele gezin. Ze lieten mij zien dat er ook een andere wereld bestond, waarin je niet helemaal alleen woonde. Mijn moeder heeft ook nog heel even met een familielid een relatie gehad. Die heette ook Glenn volgens mij, maar dat weet ik niet meer zeker. Ik weet wel dat ik hem heel lief vond en dat het niet lang heeft geduurd. Hij kon heel mooi tekenen en had voor mij een vliegtuig getekend. Die tekening heb ik nog jaren en jaren gehad.

Toen ik gisteren een beetje uitgewandeld was en Memory Lane wel voor gezien hield, dacht ik, ik tik eens even een naam in op Facebook. Ria vond ik niets op, Ellen vond ik ook niet, nu nog niet trouwens. Maar toen ik Gerry in tikte, had ik beet! Ik herkende haar gelijk. Het was altijd zo’n lief klein poppetje en nu een volwassen vrouw, zo leuk! We hebben heel eventjes zitten kletsen, echt leuk. Via haar vond ik Ria ook vanmorgen en ook nog een paar van de anderen. Alleen Ellen vond ik nog niet maar dat komt nog wel. Ik zei ook tegen Gerry, dat ik het leuk vond om ze nu weer een beetje terug in mijn leven te hebben, als is het dan maar digitaal. Het is zo’n groot en leuk deel van je jeugd geweest, dat voelt heel vertrouwd ook.

Halverwege de jaren tachtig, Kim was in elk geval nog klein, heb ik Ellen en Ria nog een keertje gezien bij een reünie van de lagere school. Ik heb daar nog foto’s van. Ook moet ik ergens in mijn kinderfoto’s ook nog foto’s hebben van toen we allemaal nog heel klein waren. Alleen weet ik opeens niet meer waar ik dat album gelaten heb. Hier beneden tussen de albums zit hij niet. Ik denk dat hij bij alle foto’s zit, die ik boven in dozen heb. Dat wordt weer een keertje spitten als ik daar weer tijd voor heb. Voor nu ben ik te druk met de gang. Schema is alweer omgegooid want zo gaat dat hier altijd.

Ik zal morgen behoorlijk spierpijn hebben want ik ben een nieuwe verfkrabber gaan kopen. En dan kom je thuis en dan wil je toch proberen of het lukt. De vele lagen verf die op dat raam zitten zijn niet van plan zo makkelijk hun plekje op te geven. Daar ben ik al achter. Dat gaat een aardige klus worden. En dan ga je ook maar weer gelijk een stuk muur doen op de gang. En voor je het weet is je dag voorbij. Ik heb zo’n kracht moeten zetten om weer een paar vierkante centimeter aan licht in de gang te winnen, niet normaal. Alles doet nu al zeer! Dat belooft wat. Nou ja, het kan me niet schelen. Ik hoef niet gelijk dat hele raam te doen. Gelukkig maar want dat zou een martelgang worden. En het schilderen van de muren op de gang gaat ook heel langzaam.

Overal raakt het houtwerk en moet je dus voorzichtig de randjes doen. Het is een vervelend soort muur, niet glad maar met gaatjes en weet ik veel. Je moet het dus meer insoppen dan dat je gewoon kunt verven. Dat zou me uren werk schelen maar helaas, het is afzien. En het gaat ook nog een stukje de trap op. Die muur loopt door, ik moet wel anders krijg je overal andere kleuren. Maar goed, ik heb nog twee maanden voor de opleiding begint en voor die tijd heb ik alles in orde. Dat is een ding dat zeker is. Ik doe het dan ook kalmpjes aan. Tenminste, voor mijn doen dan. Kim wordt al moe als ze hoort waar ik nu weer mee bezig ben. Ze vroeg of ik de voorjaarsgekte in mijn hoofd had. Wie weet? Kan best maar ik ben bang dat er al volop gekte in me zit, of het nou voorjaar is of niet.