28. mei, 2019

Twee jaar en 364 dagen zonder Sunshine

Gisteren heb ik het keukenplafond voor de eerste keer gesaust. Nou, dat ging makkelijker dan ik had gedacht. Het pakte vrijwel direct. Ja, het moet nog wel een tweede keer en het is niet hoogglans meer. Maar dat is beter ook. Dit zal ook wel snel verkleuren, ik heb geen afzuigkap en ik kook natuurlijk regelmatig. Dat andere kon ik dan afsoppen maar dat was eigenlijk net zo’n klus als nu het hele plafond sauzen. Dus vind ik het prima. Vandaag gaat de 2e laag eroverheen en dan is het prachtig! En als het gaat verkleuren, als het echt nodig is, dan gaat er weer een laagje overheen. Klaar is Ria. Beter dan elke keer de boel vetvrij soppen. Ik kan daar slecht tegen, als het er zo viezig uitziet.

En omdat ik een paar maanden geleden een totaal nieuwe ketel heb gekregen, zag het plafond er daarboven helemaal niet meer uit. Op plekken waar de buis van die ouwe het plafond had geraakt, was het zelfs bijna zwart geworden. Ik kon mijn handen tot bloedens toe laten soppen, schoon kreeg ik het niet. En nu ziet het er al zo netjes uit. Maar die tweede laag, ja die moet nog wel. Nou weet ik niet of het aan mij lag maar de muurverf was zo dik dat ik bijna mijn pols verzwikte met het sauzen. Ik had al een groot stuk gedaan dus heb ik het maar afgemaakt ermee. Maar daarna ben ik het toch echt een beetje gaan verdunnen. Het zal zo meteen een stuk makkelijker gaan, daar ben ik van overtuigd.

Met mijn verhaal van gisteren, over het eenzame klaproosje, zou je denken dat dat mijn spiritplant is maar nee. Ik wist helemaal niet dat ik die had of dat zoiets zelfs maar bestond, maar ik kwam op Instagram een foto tegen en toen wist ik het, ik heb mijn spiritplant gevonden. Ik doe er even een fotootje van bij, dan zien jullie wat ik bedoel! Het past wel bij mij, vind ik zelf. Je moet er maar net tegenaan lopen. Wat mijn spirit dier is, weet ik ook niet. Ik ben Vissen van sterrenbeeld maar ook Tijger, duh, en Wolf ook, Indiaans. Toch denk ik dat mijn spiritdier een kat moet zijn. Ik ben een honden- en paardenmens en dan komen de katten je aanwaaien. Dat zegt wel genoeg. Dat heb ik dan ook maar gelijk aangenomen. Heel logisch.

De keuken is ondertussen twee keer voorzien van een laag Damp. Mooi hoor, dit had ik verdorie jaren eerder moeten doen. Maar ja, ik durfde het niet. Mijn domme idee over dat ik het dan niet meer kan soppen houdt zelfs geen steek. Want een keer of vijf a zes per jaar soppen, tegenover die ene keer per jaar of misschien zelfs twee jaar het plafonnetje een laagje verven, scheelt juist een heleboel werk. Echt blonT weer eigenlijk dus. Nou ja, gelukkig heb ik dat excuus weer, dat voelt al stukken beter. Het ging sneller zelfs dan het soppen, kan je nagaan. Ik had mezelf jarenlang al een rotklusje kunnen besparen. Nou ja, je ziet het, je bent nooit te oud om te leren. Ik ben het levende, blonde voorbeeld van die stelling. Voortaan geen plafond soppen meer, gewoon verven die handel. Ik ben sinds jaren weer blij met mijn kleine keukentje, nu dat vieze plafond weer netjes is.

Daarna heb ik nog even een klein stofzuigje gedaan, zoals ik dan altijd zeg. Als ik gewoon stofzuig, dan ben ik wel even bezig. Met de speciale dierenharenborstel erbij en al. Nu gewoon even snel door het huis heen gegaan. Misschien moet ik weer eens over een swiffer denken, nu het kleed op zolder ligt. Dat is voor tussendoor wel lekker snel. Ook een ideetje. Alles wat bijgewerkt moest worden, zowel in de dampkleur of in het zwart, is bijgewerkt. Alles is lekker schoon en netjes nu. Ik weet zeker dat geen mens op mijn keukenplafond heeft gelet maar ik vind het een stuk mooier nu in de keuken. Dat project is ook klaar. Nu nog eigenlijk de wc deur van een poster ontdoen en ook weer zwart maken met eventueel een blommetje, dan heb ik alles gedaan wat ik wilde doen.

Dan kan ik me daarna storten op wat opdrachtjes nog en een paar doeken die ik of af wil maken of nog wil maken. Dat hoop ik allemaal voor juli gedaan te hebben. Het is alweer bijna juni en dat zal, als het goed is, mijn laatste maand zonder werk zijn. Of nou ja, stage is misschien geen werk maar toch, in combinatie met studeren ga ik het druk zat krijgen. En dan komt mijn boek een klein beetje op de tweede plaats. Toch zal ik proberen er tussen het studeren en stage lopen door, aan te werken. Al was het alleen maar omdat Karina zo nieuwsgierig is naar het volgende hoofdstuk.

Ik heb een groepje van zes meelezers en daar stuur ik, sinds een tijdje geleden, elke keer een hoofdstuk naartoe. Zodat zij het kunnen lezen, zeggen wat ze wel en niet vinden ervan en ook om de taalfoutjes, waar je zelf een soort van blind van wordt, eruit te halen. Het derde hoofdstuk heb ik ze als laatste toegestuurd en gezegd, doe maar rustig aan, ik ga zelf ook achter lopen. En daarom wacht ik met het sturen van het volgende hoofdstuk, tot ik weer minstens vier reacties heb gekregen. Zo probeer ik het ook gelijk een beetje te gebruiken als een stok achter de deur voor mezelf.

Dat boek moet eruit en het gaat er ook komen. Misschien moet ik het zelf uitgeven, en dan moet ik ook een crowdfunding organiseren of zo want ik heb, helaas, geen liggende gelden. Voorlopig ga ik me daarover niet druk maken. Wie weet vind ik wel een uitgever die het wil uitgeven, dan is dat ook van de baan. Maar voorlopig is het nog niet af en dan ga ik nog niet moeilijk lopen doen. Dat zie ik straks wel. Al die beren op de weg is maar gevaarlijk, als je niet uitkijkt. Nee, dat komt wel goed. Dat het er gaat komen, dat staat vast. Ik had gedacht eind 2019 maar het zit er dikker in dat het ergens 2020 zal worden, als ik er maar aan door blijf werken.

Ik ben zelf met het vijfde hoofdstuk bezig en dat is een hele lange. Dat derde hoofdstuk was juist weer erg kort. Maar ja, dat heb ik ook niet echt in de hand. Of juist wel, zal je denken maar zo werkt het bij mij niet. Het is een waargebeurd verhaal, autobiografisch en daar verander ik zeer weinig tot niets aan hoe ik het beleefd heb. En daardoor doet het een beetje wat het zelf wil eigenlijk. Daar ben ik wel achter. Ik moet ook echt de rust hebben of kunnen nemen, om te schrijven. Anders gaat het niet. Toen ik ziek was lukte het helemaal niet om te schrijven. Het lukte me niet eens om te lezen, en dat doe ik toch zo graag. Nu komt het allemaal weer terug en nu kan ik wel weer schrijven. Alleen heb ik bitter weinig tijd omdat ik nog zoveel dingen moet doen die prioriteit hebben.

Toch, het komt er wel. Net als ik, ik kom er ook altijd en dus mijn schrijven-kindje komt er ook. Daar ben ik van overtuigd. En het gaat nog goed lopen ook. Ik weet ondertussen best veel van dat soort dingen en, behalve als je Sidney Sheldon heet of als anderen van dat kaliber, zal je er niet rijk van worden. Jammer maar helaas. En zolang ik moet werken voor de kost, zal ik niet alleen van het schrijven kunnen leven. Daar gaat het ook niet om. Het gaat erom dat dit verhaal verteld wil worden en ik degene ben die het op papier moet zetten. En zo zitten er al meer boeken in mijn hoofd. Die willen er allemaal uit. Als ik ooit met pensioen kan, dan heb ik het dus nog behoorlijk druk. Want dan gaan ze vast zeuren in mijn hoofd. Nee, van vervelen heb ik nog nooit iets gemerkt en ik heb zo het vage vermoeden, dat ik er ook nooit last van zal hebben. Niet erg, zo wil ik het ook graag.