30. okt, 2019

Drie jaar en 154 dagen zonder Sunshine

In de loop van de logeerpartijtjes met Karina, leer je elkaar wel beter kennen ook natuurlijk. En ik ben een verstrooide doos, maar Karina is nog een graadje erger. Ze zei dat wel regelmatig maar ja, ik ben dat ook. Nadat ze al vaker gelogeerd had hier, en ze al minstens 3 weekenden langs mijn beschilderde kastdeur was gelopen, zei ze vorige keer; ‘oh wat mooi die kast, heb je dit zelf geschilderd?’ Eh… Dus ik zeg voorzichtig; ‘serieus???’ Ze moest er zelf ook om lachen toen ik vertelde dat ze daar al drie logeerpartijen lang, langs was gelopen. Waarom ik dit zo even vertel heeft een reden, en die snap je straks ook. Ik ben zelf natuurlijk ook wel verstrooid, zeker sinds ik zo ziek ben geweest.

Tijdens die ziekte was het helemaal erg. Maar het begint gelukkig al iets te beteren, al kan het nog beter hoor. Het is wel vervelend, dat ik ook zo’n astrale pestkop in huis heb. Die verhalen heb ik wel eens verteld, hoe alles hier kwijt raakt en op een manier, die gewoon niet normaal kan zijn. Dat je gewoon weet van, hé, dit is niet mogelijk zo eigenlijk. Soms loop ik op die astrale pestkop te mopperen, maar dan blijkt later dat ik zelf weer lekker warrig ben geweest. En dan geef ik dat ook ruiterlijk toe. Ik heb zo’n hekel aan liegen, ook tegen mezelf. Dat komt omdat er ooit ontzettend tegen mij gelogen is en dat laat zijn trauma wel na. Maar ik ben ook erg van de waarheid gaan houden. Ik zou niet eens anders meer willen. Beter dan liegen en bedriegen, in elk geval.

Sommige mensen leven liever in een leugen, dan hun ogen open te doen en de dingen te zien zoals ze echt zijn. Dan kunnen ze doen alsof ze het zo goed hebben, of zo’n leuk leven hebben of weet ik veel wat. Eigenlijk doen veel mensen zo op Facebook. Kijk, ik hoef ook mijn ellende niet te etaleren speciaal om die te laten zien. Maar ik vertel de dingen wel zoals ze zijn en als ik iets niet wil vertellen, dan laat ik dat gewoon weg. Dan lieg ik nog steeds niet en zeg ik toch niet alles. Ik heb niets om me voor te schamen of om weg te stoppen. Je mag alles van me weten, behalve mijn pincode dan. Want echt iedereen vertrouwen, nee, dat is me ook afgenomen. Maar dat geeft niet, dat is nou eenmaal zo.

Maar waarom ik vertelde van die pestkop, voor de mensen die daar nog niets over gelezen hebben, heeft ook een reden. Ik had de kaarten voor de Grote Schijn al uitgeprint en die had ik in mijn A4 formaat tas gedaan. Ik zei het nog tegen Karina, want ik vergat wel bijna de cits eten te geven. Dus ja, verstrooid ben ik dan wel, maar er zijn van die dingen, juist omdat je verstrooid bent, waar je dan extra op let en voorzichtig mee bent. En die tickets, dat waren ‘van die dingen’. En die zaten netjes dubbel gevouwen in mijn tas. In het andere vak mijn regenjack en we konden er tegenaan. OV chipkaart in mijn zak. We liepen naar de metro en daar moest Karina dus een dure dagkaart nemen.

Daar had ik echt de pest over in, omdat er bij het restaurant allemaal parkeerplek vrij was. En de serveerster vertelde ook nog eens, dat het na zessen gratis was. Dat was helemaal erg! Ik had hier zo naartoe kunnen rijden, en dan hadden we vlakbij de grote schijn gestaan. En lekker met de auto naar huis gekund. Ach ja, laten we het er maar op houden dat ik te blond ben voor deze wereld. Al wordt het nu wel heel erg antiek blond, dat dan weer wel.

Maar goed, we waren nou eenmaal met het Openbaar Vervoer, we zouden het ermee moeten doen. Ook voor op de terugweg. Ik heb het niet zo op van die restaurants, die vol zitten met kleine kindertjes en zo, daar ben ik geen mens voor. Kinderen, vooral baby’s nee, niet mijn koppie thee, zal ik maar zeggen. Ja, lief, even vasthouden en dan heel snel weer terug geven aan de moeder. Maar ja, voor mij heeft dat ook met trauma’s te maken, maar dat is een ander verhaal. In elk geval, ik hou van kinderen, die al wat groter zijn en wat te zeggen hebben. Die geen driftbuien meer krijgen of gaan lopen krijsen waar het niet kan. Trouwens, dat ligt aan die ouders, niet aan die kinderen. Maar in elk geval, voor mij hoeft dat niet.

En daar hadden we het zo over, tijdens het gesprek. En een heel stuk verderop begon er een kind te krijsen. Wij lachen natuurlijk, zo van ‘God straft onmiddellijk’. Opeens komt er een heel gezin, met wel 3 kleine kindjes aan en die gaan aan het tafeltje naast ons zitten. Wij stikten haast in onze, inmiddels gearriveerde, Martini’s! Van het lachen hoor. De dame buigt zich opeens naar Karina en zegt; ‘Vindt u het vervelend?’ Karina en ik dachten heel even dat ze boos was omdat wij zo lachten. Het ging dus om het feit dat de kinderwagen vlak achter Karina stond, verder niets. Wij zaten al “nee nee nee, echt niet hoor!” We stikten er bijna in, zo kregen we de slappe lach.

We hadden niet zo’n grote honger en besloten een voor- en nagerechtje te nemen. Zo zouden we niet al te veel binnen moeten werken. Ik vond niet zo snel een lekker voorgerecht en Karina zegt; ‘Oh, die met die doperwten puree met bieten en gefrituurde geitenkaas, dat lijkt me wel lekker’. Het was een speciaal soort biet hoor, maar zelfs voor al het goud in de wereld, weet ik niet meer wat voor soort. Maar in elk geval, dat leek mij ook wel lekker. Oké, dan nam zij de cherry cheesecake en ik nam een brownie met pinda’s en salted caramel. Dat was mooi geregeld. Wij aan de Martine lekker kletsend wachten op ons voorgerechtje.

Ik moet zeggen, de baby, die in de kinderstoel naast ons zat, het hele gezin trouwens, was voorbeeldig. Ze zat me steeds toe te lachen en dan smelt je toch natuurlijk. Het was een schatje. Ons voorgerechtje werd gebracht. Ik zat te genieten, de combinatie van smaken, echt zalig! Ik zie Karina een beetje zitten prikken in haar eten en voorzichtig proeven. Zegt ze opeens tegen me; ‘ik kan dat groenige spul niet thuisbrengen! Het lijkt net wasabi maar zo smaakt het niet. Het smaakt wel bekend maar ik weet het niet goed.’ Ik zit haar aan te staren, alsof er water brandt. Seriously??? Ik schiet me toch in de lach! Ik probeer het antwoord eruit te krijgen, al duurde het even voor het echt lukte!

“Karina! Wat heb je nou besteld?!” Roep ik haar toe, ondertussen dubbel liggend van het lachen. Ik zie haar nadenken. En ik zie het besef over haar gezicht trekken, weer kon ik niet meer bijkomen van het lachen! ‘Oh ja, doperwtenpuree!!!’ En toen kregen we allebei de slappe lach. Oh echt hoor, ik had kramp in mijn buik ervan en Karina ook! Die mensen zullen wel gedacht hebben! Ze bleken ook naar de Grote Schijn te gaan. Ik hád nog een foto van het toetje willen nemen want die zagen er allebei prachtig uit. Maar ja, die waren opeens op want ze smaakten nog beter!

Na het eten zijn we er dan ook op ons gemak naartoe gelopen. Dat was best nog een eindje lopen, nou ja, tien minuten of een kwartier of zo. En door de bomen heen, zagen we de Grote Schijn al door de bomen komen. We zagen ook nog een kleine schijn maar dat was gewoon een lantarenpaal. Bij de kassa wil ik de tickets uit mijn tas pakken. Maar, en hoe onmogelijk dat ook was, die zaten er niet in. Pech tickets weg. En de rest, dat horen jullie morgen!