11. nov, 2019

Drie jaar en 166 dagen zonder Sunshine

Ja, ik ben in mijn vrije momenten aan het wandelen. Door Memory Lane dan toch. Lekker warm binnen kan dat en als je het koud hebt, dan moet je een paar warme opzoeken. Dan ga je gloeien van binnen. Zo heb ik er veel met mijn moeder. Toen ik die foto’s net weer zag, met dat kleine roodborstje, moest ik ook weer denken en Piet. Piet was mijn tamme kanarie. Mijn moeder had altijd al iets met vogeltjes in kooitjes. En toen ze overging, is het kanariepietje dat ze nog had, naar haar oudste broer gegaan. En dat begon al toen ik klein was. Maar onze Piet was tam en at brood uit mijn mondhoeken. Dan kwam hij op mijn schouder zitten om te eten en dan liet ik een klein stukje brood of koek uit mijn mondhoek steken.

Oh dat vond ik zo leuk! Als ik Piet riep dan kwam hij ook. Dat later niet alle vogeltjes zo bleken te zijn, viel mij vies tegen. Ik vond dat normaal dat ze komen en op je schouder gaan zitten en met je spelen. Maar of deze Piet dezelfde was als toen ik net 1,5 was, dat weet ik eigenlijk niet zeker meer en ik kan het aan niemand meer vragen. Want toen hoorde mijn moeder erg benauwd piepen van de vogel en dat kwam achter mijn speel box vandaan. Ik zat met de kanariepiet in mijn handjes, maar die handjes zaten erg strak om die arme Piet heen. Ik denk niet dat ik hem kwaad wilde doen hoor, ik heb zoiets niet meer van binnen en ook niet op 1,5 jarige leeftijd. Maar misschien wilde ik hem wel een kusje geven en als je dat heel erg onbehouwen doet, dan kan je een kanarie misschien wel de kus des doods geven!

Ze heeft hem snel uit mijn peuter vuistjes gered, het arme diertje. Ik zou zelf nooit een vogeltje willen, al ben ik erg gek op vogeltjes. Maar ik vind, dat zulke beestjes vrij horen te zijn. Ze hebben de vleugelen gekregen, die moeten ze mogen gebruiken om ze te brengen waarheen ze ook maar willen. Ik vind het niks, ik krijg het er altijd benauwd van, als ik het zie maar ik snap wel waarom anderen die behoefte voelen. Maar, net als met bloemen, ik ben altijd een buitenbeentje met mijn gedachten. Ik vind dat bloemen niet in een vaas horen, waar ze sneller dan snel weer dood zullen gaan. Als je een bloem leuk vindt, dan snij je hem af en zet je hem in een vaas. Houd je van de bloem, dan bewonder je hem daar waar hij gegroeid is. En net zoiets voor vogeltjes, die moet je niet in een kooitje stoppen of in een volière.

Maar goed, dat is mijn mening. Als ik zo’n prachtig roodborstje zie, of zo’n enorm klein winterkoninkje, dan zou ik daar ook mijn huis wel mee willen vullen. Ja, en dan wel even zonder dat katten vogeltjes willen vangen hè. Oh mijn hemel, dat zou me hier een zooitje worden! Als je al zag hoe ze hier tekeer gingen, met dat arme beestje alleen nog maar op het balkon. Ik denk niet dat er iets heel zal blijven dan, als het breekbaar is. Alles zou eraan gaan en de katten zouden helemaal uit hun dak gaan! Zowel vogeltjes als katten hebben geen hartjes, die dit soort opwinding langdurig zouden kunnen verdragen. Gelukkig maar dat dit niet kan! Ook gelukkig dat ik er in elk geval niet meer met van die peuterknuistjes in knijp. Arme Piet!

Mijn moeder vond altijd dat, hoe oud ik ook werd, dat ik altijd mijn kleine meisjes handjes hield. Maar nu kreukelen ze ook erg hoor! Dus dat kan er nu niet meer van gezegd worden. Ik hield altijd van die kuiltjes bovenop, zoals kleine kindjes dat hebben, net boven je vingers zeg maar, op de rug van je hand. En dan moest ze er altijd even over wrijven. Dan trok ik natuurlijk kattig mijn hand terug. Goh, ik mis haar behoorlijk nu. Vooral omdat zij wel weet hoe ik echt in elkaar zit en ik nooit iets of iemand bewust kwaad zou willen doen. Dat mis ik. Ach ja, ik mis zoveel. Het zit nou eenmaal in mijn leven zo, het is niet anders. Ging je er maar aan wennen.

Op mijn stage vind ik het allemaal steeds leuker worden, hoe meer ik doen mag. Ik heb de donderdag en vrijdag volop achter de balie ook gestaan. Dat is best pittig als je nog niet alles weet maar ja, ook de enige manier om een keer alles te gaan weten. Als je nou bedenkt dat ik in augustus nog niets wist over apotheken en wat zich daarin allemaal afspeelt. Ja, dat er medicijnen gehaald kunnen worden, dat was toch wel het nokkie. En nu? Wat een verschil zeg, in net 3 maanden! Ik kan er eigenlijk zelf niet over uit! Maar niet alleen wat de apotheek betreft, maar alles in mijn leven op dit moment. Daar waar het ene erg positief is, is het andere bere negatief maar ik kan er alleen niks mee. Wil ik er zelf niet aan onderdoor gaan, dan moet ik loslaten. En loslaten, dat weet ik ook uit ervaring, is het moeilijkste wat een mens kan doen.

Ik heb al heel veel los moeten laten maar ik weet ondertussen ook, je zal er nooit aan wennen. Elke keer dat je iets los moet laten, dan doet het je pijn. Soms ook op een goeie manier, zoals wanneer je je kleuter naar school brengt voor de eerste  keer. Je verwacht dat ze de boel bij elkaar gaat gillen, zodra je weg zal gaan. Want ze wil je liefst nooit uit het oog verliezen, alleen als oma er is, dan wel. Maar naar school gaan voor de eerste keer, daar was oma niet bij. Je hebt haar zo goed mogelijk voorbereid, dat je straks wel naar huis moet en zij daar zal blijven. Bij lieve juffen en andere kindjes om te leren en te spelen. En dan laat ze al blijken dat ze dat niet zo’n leuk idee vindt.

Maar als je dan nog eventjes mag blijven van de juffrouw, dan komt ze op een gegeven moment naar je toe en zegt doodleuk; ‘mama, jij zou toch naar huis gaan?’ Dan ben je eventjes helemaal perplex! En aan de ene kant ben je zo trots op haar maar aan de andere kant doet dit nieuwe stukje onafhankelijkheid je zo’n pijn! En dat was iets wat je helemaal niet verwacht had. Nou ja, twee dingen eigenlijk. Die pijn van haar jou niet nodig hebben, en grote trots dat ze zo reageert. En ondertussen je tranen weg slikkend, zeg je haar gedag en je bent al dankbaar dat je haar moet beloven dat je haar straks weer komt halen. Je was heel eventjes bang dat ze zou zeggen dat je weg mocht blijven ook. Ja, soms is loslaten bitterzoet. Soms doet het alleen maar scherpe pijn. Maar volgens mij kan het nooit leuk zijn.

Ik kan me geen leuk loslaten herinneren in elk geval. Ja letterlijk wel, als je de riem van je hond zijn nek haalt, op het strand bijvoorbeeld, en je dan ziet wat een gekke sprongen hij maakt van dolle vreugde. Dat is dan wel leuk loslaten ja. Maar ja, dat is niet hetzelfde. Ik spring weer van de hak op de tak. Als dat nou eens een circus act was, dan zat ik gebeiteld. Kon ik gaan optreden want ik ben er erg goed in! Ik had het over mijn stage toch? Ja, gelukkig kan ik even teruglezen zelf, al doe ik dat bijna nooit. De apotheker zei ook nog wat vrijdag tegen me, en dat was wel even een eyeopener. Ze zei me dat ze het leuk vond dat ze me zo vooruit zag gaan, op elk gebied. ‘Weet je nog dat je in het begin niet de hele dag kon staan? Dat je steeds even moest zitten? Dat zie ik je nu helemaal niet meer doen, je loopt en staat echt de hele dag’, zei ze tegen me.

En ja, dat is ook zo. Ja, vrijdag na 2 dagen ben ik nog erg moe hoor, dat absoluut. Als ze hadden kunnen weten hoeveel pijn ik in het begin had, dan hadden ze rode lopers voor me uitgelegd en stoelen klaar gezet. Ik wist dat ik het leuk zou gaan vinden, ik wist dat ik aan het staan zou moeten wennen en ik wist dat ik 2 jaar lang dood en dood ziek ben geweest. De ‘trouwe’ meelezers weten er alles van. Dus ik wist dat ik het moeilijk zou krijgen, lichamelijk dan. Maar dat het zo zwaar zou zijn, die eerste weken, nee dat had ik niet verwacht. Maar als je me nu ziet! En ik ben er nog lang niet hoor. Nog 20 kilo minder en dan heb ik er helemaal geen last meer van en dat is over een paar maanden en dan heb ik nog veel en veel meer kennis van zaken ook. Dan is het volgens mij echt allemaal het leukste wat ik ooit gedaan heb! Eindelijk straks een baan die helemaal bij me gaat passen. Het duurt ff maar dan heb je ook wat!