26. jan, 2020

Drie jaar en 242 dagen zonder Sunshine

Afgelopen maandag had ik online lessen en ik ben toch wel blij dat mijn Engels zo is zoals het is. Als ik zie hoeveel moeite anderen ermee hebben, voel ik me er wel gezegend mee. Ik heb het nooit hoeven leren, dat ging spontaan. Nu waren ze weer bezig met grammatica en dan ga ik mijn kastje schoonmaken of iets opruimen, of wat anders doen voor school. Ik ben namelijk altijd de pineut op de een of andere manier. Elke les, elke keer dat we les hebben, word ik altijd geroepen. Vaak ook, bij rekenen dan, met sommen die ik stierlijk vervelend vind om te maken. Alsof ze dat voelen of zo. Dus ik blijf in de buurt, en als ik mijn naam hoor roepen, spurt ik naar de laptop. Maandag vroeg de docent me; ‘En? Wat is jouw antwoord?’

Ik zat als een dolle te lezen waar het over ging en zag gelijk dat ik even met een smoesje moest komen. Dan kon ik nog even doorlezen waar het nou precies over ging. “eeeeeeeh, ik was net even naar het toilet, maar eh, ff kijken, ik zou bij G beginnen.” Het ging namelijk over de volgorde van notulen bij een vergadering. Nou ben ik, toen ik medisch secretaresse was, notuliste geweest, dat scheelde wel. Maar er was een onderdeel waar ik nog nooit van gehoord had. WVTTK heette het. Ik legde dus die ene van mijn vorige functies uit en dat ik daar toch echt nog nooit van gehoord had. Hij vond dat raar, maar ja, ik heb het over begin jaren 90. Oh, dat veranderde de zaak wel. Ja joh, ik heb nog net geen rollator! En ik overdrijf graag.

Het staat voor Wat Verder Ter Tafel Komt. Nou ja. Dat knalde ik bij de rondvraag, die er nu ook nog bij stond. Maar goed, je moet met je tijd mee gaan als je zoiets tegenkomt. Ik vergeet het nooit meer en het moet vóór de rondvraag. Oké. Met Engels ging het verder met grammatica en nu de verschillen tussen there, they’re en their. Voor velen erg lastig, of its en it’s en zo heb je er nog veel meer. Voor mij hartstikke makkelijk, al zie ik, als ik mijn mails naar John wel eens nalees, toch vaak dat er zo’n foutje in mijn snelheid van typen tussen glipt. Aan de andere kant, heb ik dat in het Nederlands ook. Ik ga soms te snel voor mijn eigen denken, zeg maar. Dan gebeuren zulke dingen. Typ ik langzaam en let ik op, dan gebeurt dat niet. Alleen zo typ ik nooit. Ik klink als een mitrailleur met overuren op het toetsenbord. En dat is fijn als je veel en vaak schrijft.

Ik zei dat ik nog een leuke vergelijking had. ‘Oh? Welke dan?’, vroeg ze me. Ik vertelde dat het kon gaan over het verschil tussen feeling you’re nuts en feeling your nuts, of looking at a cat ass trophy or a catastrophy. Mijn klasgenoten lagen in een deuk, zij niet zo. Nou ja, we hebben haar sinds kort en mijn klasgenoot Melania, wij zijn de enige van onze klas op de maandag online lessen, vinden haar niet zo leuk. Ik stuurde via de app op mijn pc, die dan ook aanstaat, de foto die ook bij deze blog zit, naar Melania. Ze kon niet meer bijkomen en we maakten even wat grappen over de docente. Bij de foto zit nog zo’n voorbeeld van verwarrende grammatica voor Hollanders. Ik heb er geen moeite mee maar het is wel leuk om mee te spelen.

Ik heb nou eenmaal een talenknobbel en toen ik al zo jong in het Engels liep te babbelen, vond mijn moeder dat maar raar. Daar waar ik de talenknobbel heb, had zij een talen deuk. Als ik haar dan iets liet zeggen in het Hollands, dan lukte dat, en dan zei ik haar dat het Engelse woord, wat ze zo fout uitsprak, als dat Hollandse woord moest worden uitgesproken, dan kon ze het weer niet. Zei ik, mam en nu in het Hollands zeggen, en hup zegt ze het. En nu in het Engels dit woord, dus exact dezelfde klank, en dan zei ze het weer zo raar. Ik kom ff zo gauw niet op het woord maar zeg maar even FRIES en FREEZE. Nou echt, dan lag ik zo in de kreukels van het lachen en dan werd zij weer boos op mij en ging ik nog harder lachen. Ik begreep echt niet hoe dat kon, zoals dat bij haar ging. Gelukkig is het in elk geval niet erfelijk. Al moet ik mijn broer misschien eens testen?

De maandag nog even mijn haar in de krul en mijn huis weer blinkend schoon én boodschappen gehaald. Gekookt en toen mocht ik rust van mezelf. Was wel nodig. En dinsdag ging ik op de nieuwe manier naar school. Eerst op 21, 23 of 24 en naar CS via de kortste route. Daar stap ik dan op 4, die hier toch ook vandaan vertrekt alleen iets verder en met een andere route. Dan stap ik vlakbij school uit. Klein stukje lopen nog maar. Op Centraal kwam ik een klasgenote tegen, Silvia. En samen zijn we gezellig naar school gelopen. Zij heeft nu, door mij, ook een trolley gekocht. Zij moet een uur reizen en liep zich rot te sjouwen met laptop en boeken. Voor nog geen 30 euro heb je zo’n ding. En ze is er heel blij mee, dat vind ik dan weer fijn.

Op school kreeg ik gewoon een opvlieger, in de middag, van pure frustratie. De sommen die ons gestuurd waren via de mail, werden besproken. Ik merk dat ik slordigheidsfoutjes maak, geen rekenfoutjes. Of ik doe het te moeilijk terwijl het veel makkelijker is. Nou ja, story of my life dus niet zo gek. Maar oh wat raak je in de waar daar op school. Kijk, als ik dingen niet weet, zoals ontbreekt er nou echt iets bij deze som, of ligt het aan mij, daar word je sowieso al gek van. En er bleek vaak nog iets te ontbreken. Grrrr… Maar er was een som bij, en die werd heel erg ingewikkeld gemaakt door iemand en daar kwam 15 uit en bij mij en vele anderen kwam er 1,5 uit.

En wij hadden ook een totaal andere berekening. Ik moest het van haar voor komen doen en dat deed ik dan ook. Toen zei het groep dat ‘15’ als uitkomst had, dat dit inderdaad logischer was. Maar, en nou komt ie, daar kon de docente geen uitsluitsel op geven, dat moest ze navragen??? Eh… Seriously??? Zij had die sommen toch zelf gemaakt, zei ze toch? Nou, als ik sommen maak voor iemand om te oefenen, dan weet ik toch zeker ook hoe ze berekend moeten worden én wat het antwoord is? En dan heb ik het maar niet over al die verschillende manieren die iedereen lijkt te hanteren om toch een antwoord te komen.

Dan heb je ook nog eens formules, dat is gewoon een gegeven, daar moet je je aan houden, punt. Als ik dan zeg dan een 5% oplossing betekent dat het 5 gram is in 100 ml, vragen ze allemaal waar ik dat vandaan haal. Tja, staat toch in je boek, blz. 69. Dat wist ik omdat ik het toevallig op had gezocht voor een ander klasgenootje, vlak daarvoor. %v/v of %m/m of %m/v dat wil zeggen volume in volume (milliliters), massa in massa (grammen) of massa in volume (grammen in milliliters) en die formules zijn vast. Volgens mij had daar niemand op gelet of zo? Maar de juf ook niet blijkbaar. Nog maar een week of 3 en dan zijn we er vanaf.

Ik ging pas 5 uur de deur daar uit, want ik had ook nog moeten vragen waarom mijn zelfzorgkaarten terug waren gestuurd maar ik had niet gespecificeerd in de hoestdranken. Mondeling gaf ik zo antwoord, broomhexidine 1e keus, klinkt leuk maar is gewoon Bisolvon, en acetylcysteïne, gewoon Fluimucil, als 2e keus bij vastzittende hoest. Of ik dat er even bij wilde zetten dan. Oké, dan doe ik dat. Ik ging helemaal gefrustreerd weg en had daardoor ook weinig geduld voor de cits. Die waren later op de avond op snoepie tijd erg vervelend namelijk. Of tenminste, ik vond dat gewoon omdat ik zo moe was.

Daar heb ik later weer mijn verontschuldiging voor aangeboden aan ze hoor. Dat wil ik ook niet, ik probeer erop te letten maar soms gaat het wel eens mis. Ik ben benieuwd hoeveel er zullen slagen voor het Farmaceutische rekenen. Ik denk nog geen 25%. En als ik niet erg oplet en de zenuwen de overhand laat hebben, dan slaag ik ook niet en zit ik bij die 75%. Dus ik ga enorm mijn best doen, om dat te voorkomen! Al was het alleen maar om te laten zien dat ik wel goed zit! Ik laat me toch zeker niet gek maken?! Nou ja, een beetje wel dan...