28. sep, 2020

Kattenpraatjes

Ik heb al een tijd niets meer verteld over hoe het nu met Sunshine gaat. Ik ben er natuurlijk wel volop mee bezig, want ik zit er middenin. Het is nog niet op het niveau waar ik dolgraag zou willen zitten tussen hem en de anderen. Hij is nog maar net zo’n 3,5 maand weer terug, dus dat zegt nog niets. Ik heb een trekje en dat krijg ik er maar niet uit, ongeduldigheid. Als zoiets dan gebeurt, dan weet je, met katten kan dat alle kanten op. Het kan ook helemaal nooit goedkomen maar zo wel, en ze vallen elkaar niet direct in elkaars pootjes, dan kan het wel eens even duren. En dat vind ik niet zo fijn.

Ik wil dan eigenlijk, na een dag of 3 gedoe, dat het klaar is en dat ze allemaal nog lang en gelukkig leefden. Dat is de verlakkerij  van sprookjes. Gelukkig besefte ik als kind nog niet, dat je hier op aarde never nooit nog lang en gelukkig leeft. Er is altijd wel wat. Dat komt wel hoor, als we klaar zijn hier op aarde, vanaf dan is het echt een happily ever after, als je licht hebt tenminste. Anders, helaas, dan kan het nog wel eens ff voor je duren. Nu ben ik niet zo arrogant, dat ik denk al in die 1e sfeer te mogen komen. Ik zit ergens aan het einde van schemerland, en zelfs nu kan ik mezelf te hoog inschatten, maar ik gok hierop. Ik weet 1 ding zeker, ik zit niet meer in het laatste stuk van de laatste duistere sfeer, die het land van haat heet.

Dus zit ik sowieso in de schemer, op zijn minst. Alles wat hoger is, is mooi meegenomen. Ik ben wel een paar keer geflipt tegen de cits, en dat is ook weer niet goed. Sprankje licht pleitos. Maar ja, dat kon soms ook niet anders. Het is pas de laatste dagen echt weer een beetje rustig. Ik heb het idee dat mijn Sunnyboy een klein beetje begint te wennen aan zijn nu weinig opwindende maar wel totaal verzorgde leventje. En ik begrijp hem ook zo goed hè. Als je mij, vroeger dan hoor, zette voor veiligheid en comfortabel zijn, dan koos ik ook voor het avontuur. Achteraf niet handig hoor, maar ja, ik kreeg anders het gevoel een klein beetje te stikken. Pas nu ik echt wat ouder wordt, krijg ik behoefte aan rust en dus ook die veiligheid en comfortabel zijn. Daar moet ik nog even voor vechten.

En ik denk dat het voor Sunshine ook een gevecht was of misschien nog is. Want ze kunnen nu nog naar buiten ook en zo. Dat is over een paar weekjes weer afgelopen, als het te koud wordt om de deur open te houden. Hier blijft de deur zo lang mogelijk open en de verwarming zo lang mogelijk uit. Want dat heb ik wel voor ze over. Ik trek wel wat warms aan, of ik zit zelfs af en toe te rillen. Als ik totaal niet meer warm kan worden, ja, dan moet het wel allemaal veranderen. Dan gaat de deur dicht en dan gaat het spel met Skylar weer beginnen. Ik ben benieuwd hoe Sunshine dit gaat zien.
Skylar gaat te pas en te onpas dan voor de balkondeur staan te gillen. En geloof me, dat doet hij niet subtiel hoor.

Sun is regelmatig op het balkon te vinden dus hoe hij die dichte deur zal ervaren, geen idee. Voor hem misschien nog meer het gevoel om opgesloten te zijn. Dat kan dan weer leiden tot zijn ongedurige buien en die zijn niet prettig. Hij loopt dan rond te sluipen met het gezicht van een oorwurm, echt zo’n chagrijnig koppie heb ik nog nooit gezien bij een kat. Rainbow kan hilarisch boos kijken, maar zo als Sunshine, dat zijn er maar een paar hoor. Niet te doen. Want in die ongedurige buien, valt hij ook de anderen aan. Vooral Moonlight is daar vaak het slachtoffer van. Ik denk dat die 2 wel ergens diep iets voelen, en dat ‘iets’ zorgt ook voor frustratie.

Ik weet dat het die diepe liefde is, die ze hadden. Sunshine zoekt hem steeds op maar dan gaat Moonlight gillen. Want Moonlight was zo getraumatiseerd door het verdwijnen van zijn zo geliefde broer, waar hij zo tegenop keek, dat hij er ziek van werd. Voor zowel mij als Moonlight was de komst van Aurora toch wel een beetje onze redding. Voor mijn idee, is Moonlight die diepe liefde, gaan associëren met die diepe pijn die erop volgde. En daarom wil hij nu niets meer met die kattekop te maken hebben, die dit veroorzaakt heeft. Moonlight is bang voor liefde geworden erdoor. En aangezien ik heb meegemaakt hoe dat bij hem ging, begrijp ik hem ook. Alleen door zijn afwijzing naar hem toe, heeft Sunshine het juist op hem gemunt. Heel vervelend allemaal.

Toch, ook al is er best nog wat gedoe, ik zie het toch, zij het met hele kleine babystapjes, vooruit gaan. En vandaag, voor mij de 23e, kwam dat tot een enorme stap vooruit. Het zegt nog niets hoor, want dan ga je meestal ook weer stapjes terug. Daar ben ik al aan gaan wennen en daar reken ik maar op, kan het altijd meevallen. De afgelopen dagen is Sunshine toch iets minder onrustig en na een paar grote aanvaringen vorige week, waardoor ik zo moest gillen om ze uit elkaar te krijgen, is het de afgelopen paar dagen redelijk rustig hier in casa el Catos Locos. Eindelijk!

Sun komt vaak bij me liggen ’s avonds. Soms zelfs, ook erg bijzonder, met Aurora erbij. Aurora laat zich echt niet zomaar van mijn schoot afjagen hoor. En dat ging in het begin dan met gegil en gesis maar ik ben een consequent mens, en uiteindelijk liggen ze er nu soms allebei, als ze maar net genoeg afstand houden van elkaar, dan gaat dat prima. Moonlight ligt altijd ’s morgens bij me, als ik even het nieuws kijk en thee drink. Alleen vandaag lag Sunshine er al. Moonlight vindt het heerlijk als ik met de borstel, met de zachte kant, over hem heen ga en hem er koppies tegen laat geven. Alleen, op het opgevouwen plaid waar hij altijd lag, lag nu de oorzaak van zijn vele gil buien, Sunshine. Vertwijfeld liep hij rond te kijken wat hij nu moes doen.

Hij pakt altijd zelf de borstel van het plankje in mijn salontafel, en dat deed hij nu ook. Hij ging weer paniekerig draaien, toen ik de borstel van de grond pakte en zei ‘kom dan, gaan we bosteluh’. Op dat woord reageert hij zelfs van helemaal boven. Hij keek een beetje boos naar Sunshine, die prinsheerlijk op het kleed bleef liggen. Die had maling aan Moontje zijn gedraai. Hij ging lekker door met al spinnend melk trappen, met zijn pootjes in het plaid. Toen ik de borstel boven mijn schoot hield, sprong Moonlight er toch op. Dat is voor hem heel wat, want Moontje is veel maar geen schootkat. Hij draaide ze met zijn kop naar Sunshine toe.

Ik hield mijn adem al in en was voorbereid een paar schrammen op te zullen lopen. Maar ik liet ze even gaan. Ze bleven elkaar aankijken. Poe hee, spannend! Moonlight boog zich een beetje naar Sunshine toe, Sunshine boog zich een beetje naar Moonlight toe. Neusjes raakten elkaar en er werd wat gesnuffeld. Ik had niet eens in de gaten dat ik nog steeds mijn adem in zat te houden. Sunshine rekte zijn nekje nog iets verder uit, en begon Moonlight te wassen. Moonlight liet dat even toe. En volgens mij raakten ze er beiden van in de war want met een plof was de magie weg en gingen ze allebei van de bank af. Mij is opperste verrukking achterlatend. Zie je wel! Het komt echt wel goed! Helaas geen foto, maar die komen wel hoor. Al kan dat nog heel even duren!