8. nov, 2020

Ja ja, ik loop erg achter maar ik heb het dan ook erg druk... Sorry!

Om half zes ga ik er maar uit. Even bij komen van de onrustige nacht met koffie want het is nog te vroeg voor het ontbijt, boven op de lege slaapkamer, van de cits. Ik kijk tv via mijn telefoon, want alles is al weg. Donderdagavond is die er al afgehaald en daar weer opgehangen door mijn broer. Dan hoef ik me daar geen zorgen over te maken. Ik treuzel omdat ik ergens diep van binnen bang ben, dat ik het met de katten niet voor elkaar zal krijgen. Ik vraag dan ook innig aan mijn helpers daarboven, of ze me een plezier willen doen en me een beetje willen helpen.

Als ik om zes uur met de blikjes naar boven loop, doe ik de bakjes vol. Ze zitten braaf op me te wachten en zelfs Sunshine komt niet op de tafel maar wacht netjes tot hij krijgt. Moontje struint ook op zijn gemakje binnen en ik sta op, zet de bakjes neer, doe zo onopvallend mogelijk en ik heb het bakje voor Aurora in mijn handen. Ik zie ze alle 4 eten, de jongens, en ik doe zachtjes de deur dicht. In 1 beweging zet ik Aurora’s bakje neer en ze gaat eraan snuffelen. Ook daar doe ik de deur dicht. Niet in me opgekomen, dat ik haar ook in haar uppie kan opsluiten. Maar daar zorgen ze boven wel voor.

Wauw! In ene keer gelukt, zonder al teveel gedoe. Opgelucht loop ik naar beneden. Genoeg te doen voor het 9 uur is. Ik maak de bakken schoon. Die grote gaan mee naar daar. En nog een kleintje ook. De grote voor het soort silicaat zand, die ze fijn vinden en de andere voor de grove silicaatkorrels, wat ze fijn vinden om op te plassen. In de bleekwater ff zetten, en straks drogen en dan zijn ze klaar. Ik plak de laatste kasten vast, ik kom best nog losse dingen tegen. Dat verwacht je helemaal niet. Ik plak zelfs de bak met gereedschap af. Dan kan die ook zo mee. Dat is een zwaar ding. Dat mogen zij best doen.

Boven hoor ik gemauw en gekrabbel aan de deur. Als die nog heel is straks, dan is dat een wonder hoor. Ik doe net of ik gek ben, niet zo moeilijk. Het is even niet anders. Voorlopig zitten ze er nog wel. Zolang ze maar niet gaan vechten, vind ik het prima. Om iets voor negenen staat de auto met lift er al. Die blijft staan, en iets na negenen komt de vrachtwagen aan. Die is een stuk kleiner dan ik gehoopt had. Als het maar in ene keer kan zeg! Dat is nog maar even afwachten hoor! Vier jongen mannen komen boven en bekijken de boel. Nou, of dat er allemaal in kan, dat is voor hen ook nog de vraag. Je moet wel van tetris houden, lijkt mij. Alles moet passen en heel blijven ook.

Maar er is nog een probleem. De boom voor de deur. Dat was 15 jaar geleden een klein jong boompje. Nu is het een enorme rakker, die tegen mijn ramen is gegroeid en boven mijn verdiepingen uit omhoog is geschoten. Ik babbel er altijd mee, ja ik weet het, koekoek. Aan het huiskamer raam, wat het makkelijkst zou zijn, kan hij niet staan, omdat daar de fietsenhouder zit beneden. Een soort ijzeren klimrek waar iedereen zijn fiets aan vast maakt. Daar kan hij net niet staan en een stuk schuiven gaat niet, door de boom. Maar ook bij het raam van de zijkamer zitten er teveel dikke takken aan de boom. Het enige wat hij kan doen, is de lift schuin naast het raam zetten. Het is dat, of alles moet via de trap. Maar ik zeg ze, dat de bank echt niet via de trap kan, dat past niet. Die is ook door het raam binnen gekomen.

De 2 die moeten sjouwen, kiezen eieren voor hun geld. Die hebben geen zin in al die trappen. Maar nu moeten ze met mijn spullen, ook de hele grote en de hele zware, een stuk door de lucht tillen om het op de lift te krijgen. Dat zie ik pas als ze bezig zijn. Oh mijn hemel zeg. Ik krijg het er echt Spaans benauwd van! Ik ga maar in de keuken zitten. Even later zet 1 van de jongens het raam van de huiskamer ook nog eens open. Hij heeft het benauwd want hij is allergisch voor katten. Hij niest en proest dan ook steeds en zegt dat er veel haar ligt. Ja zeg, als je alles binnen een maand moet doen, zal je prioriteiten moeten stellen.

Normaal stofzuig ik praktisch elke dag. Nu was het kiezen, of je knapt het daar op, of je maakt het hier schoon. Want de puf voor beiden, sorry, die had ik echt niet. Zo leg ik het hem ook uit. Dus ja, dan zie je na 4 weken, dat je dat niet kunt maken eigenlijk maar ja, het is niet anders. Dat ze me nu misschien een viezerik vinden, interesseert me dan ook bar weinig. Ik werp nog een paar keer een blik op wat ze doen maar echt, ik kan daar niet tegen. Dus snel maar weer weg. Af en toe aanwijzingen geven, hoe of wat. Als ik zo alles naar die wagen zie gaan, vraag ik me echt af, of ik het allemaal in het huis krijg en neer kan zetten zonder de boel te blokkeren.

Nou ja, zie we dan wel. In de badkamer, krijgt er eentje een lading water over zich heen. Ik had de bak van de condens droger laten zitten, vol. Oeps. Hij kan me wel schieten geloof ik. Hij moest eens weten hoe ik me voel, dan snapt hij dat het een wonder is, dat ik überhaupt nog kan communiceren. Al ga ik hem dat maar niet vertellen. Ook de wasmachine moest ik nog leeg laten lopen. Ik loop met mijn boekjes met vastzet spullen maar ze doen daar niks mee en zetten zonder pardon de wasmachine op de lift en de droger ook. Al zeg ik tig keer dat het kastje boven de wasbak ook mee moet, ze laten het hangen en ik moet zoveel tegelijk doen, dat ik dat zelf ook vergeet.

Uiteindelijk beslis ik dat ik het kastje van de tv laat staan, en ook het ene rotankastje. Ik zie niet waar ik die moet zetten daar. Voor de rest heb ik al wel plek gemaakt, kasten dan, maar voor die niet. Omdat ik geen idee heb waar ik ze moet zetten nu, laat ik ze maar daar. Jammer dan. Al zal ik later misschien denken, goh had nu hier gekund, daar heb ik nu niets aan. Ik hoor ondertussen soms wel en soms niet de katten. Goh wat lijkt zo’n huis vies als alles weg is. Onder de wasmachine is het smerig en waar de ijskast stond is het ook erg vies. Maar ja, die dingen haal ik niet weg hoor, dat kan ik niet!

Ik heb zelf ook veel dingen nog naar de auto gebracht en die zit ook vol. Ook nog een paar keer naar beneden om zakken vuil weg te gooien. En dan is het eindelijk tijd om richting Overschie te gaan. Het is iets over 11 uur. Snel zeg! Ik rij er vast heen en geef Marij een seintje, die komt er dan ook zo aan. Met soep en broodjes. Had ik misschien een soort van Leidse korpsballen verwacht bij de ‘studentverhuizers’, vandaar de soep met broodjes, kwamen er 4 Marokkaanse jongens. Of die de soep willen, na te zijn besmeurd met mijn droger water in mijn vieze en stoffige ouwe huis, weet ik nog zo net niet. Nou ja, het eerste deel ging goed, zelfs met de cits. Nu de rest nog.