9. nov, 2020

En dan ben je opeens verhuisd met zijn zessen!

Ik heb geregeld dat de lift ook meekomt naar Overschie. Anders moeten de jongens het hele atrium door, dan het liftgebouw in, en dan nog naar boven, hele galerij over voor ze bij mij zijn. Met de lift aan de buitenkant tegen de galerij aan, zijn ze zo bij mij. Ondertussen komt Marij ook aan. Ik zeg haar al, dat ik verwacht dat ze geen soep zullen willen. Nou ja, ik wel hoor, ik ben dood en dood moe en heb al een hele tijd geen normaal eten meer op. Verse soep zal er wel ingaan. De spullen beginnen te komen en ik loop me rot om alles op de juiste plek te krijgen.

Ja, maar het staat al helemaal vol roepen ze. Ja duh! Ik had toch geen kasten om het in weg te zetten. Ik vertel ze dat ik geen berging heb en dat daar het euvel ligt. Of ze het zullen begrijpen, is een ander verhaal. Het bureau, dat echt enorm is, en een rare vorm heeft, geeft nog het grootste probleem. Maar het lukt, al moet je niet vragen hoe. Het staat. Vooral bij de dozen moet ik steeds zeggen, zet maar in de badkamer, of in de hal. Tot ook die weer tjokvol staan. Hoe krijg ik dit allemaal glad voor de cits vanavond? Ik weet het niet meer hoor. Ik voel me totaal uitgeput en kan me bijna niet meer bewegen. Elke stap, elke beweging doet me zeer. En ik moet nog ff.

Eindelijk is alles er en kan je nergens je kont meer keren. De twee balkonstoeltjes heb ik maar ff buiten op de galerij gezet, want ik kan ze niet kwijt nu. De jongens komen allemaal boven en ze gaan zitten. Ze vinden het een mooi huis, zeggen ze. Ja, ik ook. Ze hebben iemand aan de telefoon, en dat duurt ff. Ik voel dat ik wil dat ze weggaan, NU, het is klaar nu. Eindelijk kunnen we afrekenen, het is iets goedkoper uitgevallen maar daar kan ik dan mooi de spullen voor de katveilige schuifdeur van kopen. Dat komt geweldig goed uit! Marij maakt de soep warm voor me en smeert broodjes voor ons. Want inderdaad, de jongens wilden geen van allen. Ik stuur Jolanda bericht, dat de verhuizers weg zijn. Vlak nadat zij komt, gaat Marij weer weg. Ik ben Marij enorm dankbaar, dat ze boodschappen voor me heeft meegenomen, en de soep heeft gemaakt. Zelfs nog een portie voor morgen is er nu voor mij nog. En niet te vergeten mijn Etos cadeautje natuurlijk.

Jolanda is een groot talent in stapelen en alles als een soort levensgrote Tetris uit de weg te zetten. Want we moesten de badkamer vrij hebben, tenminste, op zijn minst daar waar de bakken moesten komen. Ook denk ik dat ik ze er daar even uit laat komen, en ze pas binnen laat als iedereen weg is. Ben en San komen namelijk ook nog voor wat dingen te regelen, al kwam ik daar later pas achter. Als ik de bakken heb staan, en beslist heb om ze dan daarna in die badkamer even eten te geven en ze zo gelijk te laten acclimatiseren, kunnen we gaan. Operatie katten halen is in werking getreden.

Onderweg, we zijn met 2 auto’s, smeek ik mijn astrale helpers om me een beetje te helpen en het voor de cits zo min mogelijk traumatisch te maken. Het is zonder dat al erg genoeg voor ze. Katten hechten aan hun huis, zeggen ze toch. Het is een bende nog daar maar ja, daar kom ik nu niet voor. Jolanda blijft beneden even wachten, en staat klaar om te komen helpen, mocht dat nodig zijn. Ik kom de kamer met een beetje lawaai op, om ze bij de deur en eventuele ontsnapping weg te houden. Een beetje angstig kijken ze me aan. De hele dag hebben ze opgesloten gezeten en dat vonden ze blijkbaar vreselijk!

Rainbow komt tegen me aanstaan en ik pak hem op en plak hem zo in een reismandje, zonder dat hij er zelfs maar erg in heeft. Moonlight pak ik als 2e want die maakt er altijd hele gevechten van. Maar ook hij zit er opeens in, voordat hij ook maar tegen kan stribbelen. Toevallig, en dat bestaat dus niet, loopt Skylar langs die grote kooi en ik duw hem er zo in. Hij stribbelt wel even tegen maar niet hard genoeg. Hup, nummer 3 en dus nog 1 te gaan in dit kamertje. Sunshine verwacht ik geen tegenstand van. Die laat zich zo oppakken en in een kooitje stoppen. Dat is pas nog een paar keer gebeurt, in Crooswijk en in Vlaardingen en dat heeft hem alleen maar goeds gebracht.

Ik voelde dat goed. Niets aan de hand, zo de reismand in. Op naar Aurora, die in het zijkamertje zit. Zij zit onder het logeerbedje, dat ik heb laten staan daar, en is niet van plan eronderuit te komen. Oké dan, die zal minder snel gaan dan de jongens, ben ik bang. Als ik haar wil pakken, krijg ik een stel nagels diep in mijn arm. Ja, en ik ben zonder handschoenen en zij is zo’n kat inderdaad. Uiteindelijk is de eenzame opsluiting toch wel heel erg geweest en als ik langs haar wangetje aai, kan ze de verleiding niet weerstaan om meer kroelen te krijgen. Ze komt dichterbij. Ik wacht geduldig tot ze zover is, dat ik haar bij haar nekvel kan pakken. Dat doe ik liever niet hoor, maar als het moet dan moet het.

En ook zij zit dan, ook met veel minder gedoe dan ik verwacht had, in haar reismandje. Jolanda is ondertussen al begonnen om de heren een verdieping lager te krijgen. Gelukkig kunnen we nu de deur zonder gedoe open laten staan. Ze zitten allemaal veilig in de kooi. Als ik met Aurora de trap afloop, krijg ik bijna een lichte hartaanval. Ze springt de reismand door, en maakt het lopen voor mij zo enorm instabiel. Jeetje zeg, ik had haar bijna laten vallen! We vinden nog iets waarmee we de kooi vast binden. Mocht hij losschieten, dan zit hij toch nog vast. Zo druk doet ze, ze mauwt ook als een dolle. Al zetten ze allemaal wel een keel op. Het is net echt, een katten festival. Wat een herrie zeg!

Het filmpje ervan, staat op Facebook, maar we komen uiteindelijk veilig aan. Mijn broer heeft al een gat geboord om de aansluiting van mijn pc door te proppen. Dat kan ik allemaal zo aansluiten. Ook hebben ze mijn tv aangesloten. Ik moet een langere kabel gaan halen, want met die 5 meter kom ik er niet. Maar dat is van later zorg. De cits staan in de badkamer en daar heb ik ze eruit gelaten. Als angsthazen sluipen ze er rond. Ik kom ze eten geven en ze zijn totaal op hun hoede maar wel hongerig. Ze eten allemaal lekker en ik laat ze weer even alleen. Ik durf niet goed te gaan zitten, wetend dat ik dan misschien niet meer op kan staan, zo moe ben ik.

Dan gaan Jolanda en Ben en San weg en als alles rustig is, doe ik beide badkamerdeuren open. Alsof er elk moment tijgers en leeuwen overal vandaan kunnen komen, sluipen ze door het huis maar even later zitten ze allemaal bij mij in de buurt. Ik ben met drinken op de bank gaan zitten. Oh wat doet alles een pijn, niet te doen. Maar ergens in de diepte voel ik een grote opluchting. We zijn er allemaal! Het ergste is achter de rug. Ik ben er nog lang niet, dat zal nog maanden duren maar we zijn er! Ik ga een hete douche nemen en laat de cits de boel verkennen. Ik strompel door naar bed, ik ben totaal op. Echt slapen doe ik niet maar ik voel mijn afgepeigerde spieren tot rust komen. Morgen begint de 1e dag van mijn nieuwe toekomst in dit fijne huis.